Klassiekers (128)
Een uitgave van Meander
Redactie: Joop Leibbrand

20 januari 2010

Ellen Warmond - Changement de décor

* Een bespreking door Inge Boulonois *


Alle Klassiekers zijn, compleet met poëtisch woordenboek, hier te raadplegen. Zie voor al ons andere literaire aanbod de sites Meander en Meander Magazine.

Van de volgende auteurs verschenen inmiddels bijdragen: Wilma van den Akker (3), Inge Boulonois (18), Rutger Cornets de Groot (8), Jeroen Dera (2), Karin Doornik (4), Remko Ekkers (3), Edith de Gilde (7), Pim Heuvel (15), Yves Joris (2), Wim Kleisen (2), Michel Krott (1), Joop Leibbrand (32), Joris Lenstra (6), Allies Ligtvoet (1), Herbert Mouwen (1), Henk Ruijsch (1), Ivan Sacharov (2), Bettine Siertsema (3), Lambert Wierenga (9), Elly Woltjes (9), Rik Wouters (1).

Vooraf

In de vorige aflevering behandelde Jeroen Dera 'Het onderliggende het zich tonende', het eerste gedicht van de cyclus 'De schil waarop wij leven' uit Mustafa Stitou's Varkensroze ansichten. Er kwamen geen reacties waarop we dienen in te gaan. In dit nummer een gedicht dat ooit in alle bloemlezingen en schoolboeken Nederlands stond, 'Changement de décor' van Ellen Warmond. Inge Boulonois besteedt extra aandacht aan de overvloedige beeldspraak in dit gedicht.



De eerste Klassieker verscheen op 6 juli 2000.
Deze aflevering wordt verzonden aan 2450 abonnees.

Reageren op deze bespreking? Zelf een bijdrage leveren? Vaste medewerker worden? Neem contact op met Meander Klassiekers.
Het e-mailadres is:
Xklassieker@klassiekegedichten.netX (de letters X uit dit adres verwijderen!)

De volgende aflevering verschijnt op 17 februari 2010. Wim Kleisen bespreekt dan Avondgeluiden van Paul van Ostaijen, een van diens Nagelaten Gedichten




Changement de décor

Zodra de dag als een dreigbrief
in mijn kamer wordt geschoven
worden de rode zegels van de droom
door snelle messen zonlicht losgebroken

huizen slaan traag hun bittere ogen op
en sterren vallen doodsbleek uit hun banen

terwijl de zwijgende schildwachten
nachtdroom en dagdroom haastig
elkaar hun plaatsen afstaan
legt het vuurpeloton van de twaalf
nieuwe uren bedaard op mij aan.


Ellen Warmond (1930)

Uit: Proeftuin, Bakker / Daamen, 's-Gravenhage 1953



Dit is verreweg het bekendste gedicht van Pieternella Cornelia van Yperen (Rotterdam, 1930), die schreef onder het pseudoniem Ellen Warmond. De ‘wisseling van decor’ komt uit haar debuutbundel. Het gedicht frappeert door de overdaad aan beeldspraak en de vervreemde kijk op het bestaan, een stemming die door de hele bundel heen sijpelt; Warmond zelf sprak over een inoperabel tekort. Metaforische overvloed zien we ook bij haar tijdgenoten, de Vijftigers, maar hier klinkt de inhoud aanzienlijk minder vitaal, doet eerder denken aan de Grote Melancholie zoals Maaike Meijer het werk van dichteressen uit die tijd literair-sociologisch typeerde. Warmonds bibliografie telt tientallen boeken, vooral dichtbundels. Daarnaast schreef zij proza. Voor de bibliografische informatie kunt u terecht bij de dbnl.

Alleen al de eerste twee regels, waarin de nieuwe dag wordt voorgesteld door een binnenschuivende dreigbrief, doen onheilspellend aan. Het zonlicht dat als snelle messen de rode zegels van de droom losbreekt, intensifieert dit gevoel. De Bijbellezers onder u moeten misschien denken aan het openen van de boekrol en/of aan de dag des oordeels. Bij de ‘gewone’ lezer roept de combinatie van ‘rood’ en ‘snelle messen’ bloederige associaties op. De ‘rode zegels’ zouden we kunnen interpreteren als de oogleden die open gaan, hardhandig open worden gebroken. Omineus klinken ook de huizen met ‘hun bittere ogen’ en de toevoeging ’doodsbleek’ bij de sterren in de tweede strofe . Dat opslaan van ogen doen de huizen ook nog eens ‘traag’, waarmee het contrast met de agressieve ‘snelle’ messen scherp wordt aangezet. De slotstrofe fungeert als uitsmijter. De polysyndetische ‘nachtdroom en dagdroom’ staan ’haastig’ elkaar hun plaats af waardoor gesuggereerd wordt dat de werkelijkheid een droom of zelfs een nachtmerrie is die geen enkele onderbreking duldt. De dag is een ‘vuurpeloton van de twaalf nieuwe uren’ dat ‘bedaard’, m.a.w. in alle rust alsof het de gewoonste zaak van de wereld is, op de ik-figuur aanlegt.

Bepaald geen poëtisch ontwaken met indrukwekkend morgenrood, eerder het toneel van iemand wie de doodstraf met de kogel wacht. Het sombere illusionisme van een als bedreigend ervaren werkelijkheid overheerst. Nacht en dag worden afgewisseld door - een tautologie - ‘zwijgende schildwachten’, met wie dus absoluut niet te onderhandelen valt. Ze maken deel uit van een verandering van ‘decor’ als de onwerkelijke achtergrond van een macaber script. Door het enjambement na ‘twaalf’, een half etmaal, resoneert de unheimische metonymie van het getal mee zoals we die kennen in de uitdrukking ‘vijf voor twaalf’. Slechts twee keer is in het gedicht een persoonlijk voornaamwoord gebruikt: ‘mijn’ in regel 2 en ‘mij’ in de slotregel. Het ‘ik’ speelt kennelijk geen hoofdrol, terwijl het wel lyrisch subject is. Het is nergens syntactisch onderwerp, komt hier slechts voor als bezittelijk voornaamwoord en lijdend voorwerp. De ik-figuur wordt overruled door de dreiging van de dag, maar het blijft haar kamer. En haar beleving. Het passieve werkwoord ‘worden’ beklemtoont dat het haar ‘overkomt’.

Het vrije vers telt drie strofen: kwatrijn, distichon en kwintijn. Het is rijk gelardeerd met klinkerrijm zoals in ‘‘snelle’ en ‘messen’. Het meest opvallend zijn de assonerende lange a- en o-klank die doen denken aan de uitroepen van verwondering en schrik. Changement de décor bestaat slechts uit één zin zonder interpunctie, wat een dynamische indruk maakt. Het heeft geen vast metrum, het aantal lettergrepen per regel varieert. Zoals ik al schreef, wemelt het van beeldspraak - van overdrachtelijk of figuurlijk taalgebruik, van metaforen.

Beeldspraak is een stilistisch hulpmiddel waarmee iets indirect, via een gedeelde eigenschap, wordt uitgedrukt. Onze spreektaal zit er vol mee. We hebben het over een boom van een vent, een strenge winter om daarmee een specifieke eigenschap van het genoemde te benadrukken. Originelere voorbeelden zijn: de zuignap van een stoel, de schatkist van het geheugen, het hart van pijnboomhout. Beeldspraak sorteert dus een bepaald effect als stijlfiguur.

Regel 1 vergelijkt de ‘dag’ met een ‘dreigbrief’. Het is een metafoor, net als ‘de rode zegels van de droom’, die verwijzen naar de oogleden, en ook de vergelijking van ‘zonlicht’ met ‘snelle messen’. (Het onderscheid tussen een metafoor in ruimere en engere zin laat ik hier omwille van de overzichtelijkheid achterwege.)

In de tweede strofe richt de blik van het lyrisch subject zich naar buiten; het perspectief verandert. De regel ‘huizen slaan traag hun bittere ogen op’ kunnen we opvatten als: de huizen waarvan ramen en/of gordijnen opengaan. Deze vergelijking berust op de metafoor van de personificatie, de voorstelling van een huis als een levende persoon. Deze personificatie bevat nóg een metafoor en wel ‘bittere’ ogen. Dit is synesthesie, beeldspraak waarbij het ene zintuig (de smaak) een eigenschap krijgt van een ander zintuig (de visuele waarneming). Op personificatie berust eveneens ‘sterren vallen doodsbleek uit hun banen’; sterren zijn immers geen personen die doodsbleek kunnen wegtrekken.

Ook de laatste strofe zit vol met beeldspraak. Metaforen zijn ‘nachtdroom en dagdroom’; ze staan voor slapen en waken, voor onderbewustzijn en bewustzijn. Door de vergelijking met ‘schildwachten’ krijgen ‘nachtdroom en dagdroom’ menselijke eigenschappen toegedicht, ze worden dus gepersonifieerd. Het ‘vuurpeloton van de twaalf nieuwe uren’ duidt metaforisch de angstaanjagende nieuwe dag aan. De ‘uren’ krijgen door het ‘vuurpeloton’ menselijke eigenschappen, wederom een personificatie dus, die ook nog eens wordt beklemtoond door het adjectief ‘bedaard’. Tenslotte zouden we Changement de décor als geheel door de brede en uitvoerige uitwerking kunnen opvatten als een homerische vergelijking.

Het aanbreken van de dag is in de literaire traditie een geliefd onderwerp, het werd een topos. Ik rond mijn bespreking af met twee dageraadsgedichten. In De dag gaat open als een gouden roos verwoordt Herman Gorter in de verheven taal der Tachtigers zijn ervaring van een nieuwe dag. Vervolgens een ontwaken in onze tijd: Jannah Loontjes’ Geplastificeerd.

De dag gaat open als een gouden roos

De dag gaat open als een gouden roos;
ik sta aan 't raam en zend mijn adem uit,
het veld is stil, en nauwlijks één geluid
breekt naar het koepelblauw bij tussenpoos.

En in mijn kamer, als een donkre doos,
waarvoor de parels hangen aan de ruit,
ga 'k heen en weer, tot waar mijn wandling stuit
en ik bij donkren wand stil peinzend poos.

Ik heb 't gevonden, het mensengeluk,
als moest ik worden vier en dertig jaar
eer ik het vond, en ging veel trachten stuk
in spannend worstlen en ijdel gebaar.
Maar zo zeker als daarbuiten de zon de
wereld befloerst, heb ik 't geluk gevonden.

Herman Gorter - Verzen (1890)


Geplastificeerd

Boven de daken rekt een onverschillige
lucht zich uit. Buiten nieuwbouwmuren
gapen blokkenwijken gelaten. En hier lig ik,
huisnr 6, in het rechte rijtje buren.

Verscholen tussen lakens. Oren in koepels.
Handen, knieën om mijn kin. Nog zo’n ochtend.
Nog zo’n illusie van nieuw begin. Het huis krimpt.

Minuten kruipen. Ik ben een klein product.
Een tablet in plastic opgesloten. Een paracetamol.
Een stip in civiel patroon van de doordrukstrip.

Jannah Loontjens - Het ongelooflijke krimpen (Prometheus 2006)



Inge Boulonois



Steun Meander en Meander Klassiekers en word ook donateur.

Eerder verschenen:

1M. Vasalis - Aan een boom in het Vondelpark 2J.P. Rawie - Interieur 3Jan Kal - Mont Ventoux 4Jan Emmens - Voor de kade 5M. Vasalis - Streng en aanbiddend 6Simon Vinkenoog - Ver als de horizon ben je 7Gerrit Achterberg - Dryade 8Gerard Reve - Wiegelied 9Paul van Ostaijen - Melopee 10Hanny Michaelis - Het kind 11J.C. Bloem - De nachtegalen 12Gerrit Achterberg - Verzoendag 13Hans Warren - Bekentenis 14E. du Perron - Het kind dat wij waren 15P.C. Boutens - De maan is al boven de seringen 16H. Roland Holst - "Ook ik ben omstreeks 't midden mijner dagen 17H. Roland Holst - De zachte krachten 18W. Elsschot - Bij het doodsbed van een kind 19J.H. Leopold - Staren door het raam 20Han G. Hoekstra - De ceder 21Paul Rodenko - Het beeld 22Anna Blaman - De Spin 23Martinus Nijhoff - Moeder 24Martinus Nijhoff - Impasse 25Rutger Kopland - Die Kunst der Fuge 26Rutger Kopland - Al die mooie beloften 27Ad Zuiderent - Tuinpad 28Jan Hanlo - Oote 29Ida Gerhardt - Alpha en Omega 30Ed Leeflang - De vader van de baby Constantijn, wat hem 31Jacques Hamelink - Grijsaard 32Ed Leeflang - Hoor Prediker. Over de dommen en gevatten 33Ed. Hoornik - Te Middelharnis is een kind verdronken 34Ed. Hoornik - Overgang 35Willem van Toorn - Een kraai bij Siena 36Jan Kuijper - Statica 37Lucebert - vrede 38Lucebert - gedicht 39Hans Andreus - Voor de lieve lezer 40Anthonie Donker - Achterbalcon 41Gerrit Kouwenaar - men moet 42Anneke Brassinga - Roeping 43Jan Arends - drie gedichten 44Jan Eijkelboom - 21 november 1981 45Ria Borkent - Sieraad 46Simon Vestdijk - Het kind 47Jac. van Hattum - Visvangst 48Simon Vestdijk - De overlevende 49Rutger Kopland - Soms bij het zien, bij het zien van een rij 50Leo Vroman - Een boot 51W.F. Hermans - Bewaakte overweg 52H. Marsman - 'Paradise regained' 53Anna Enquist - Typologie van de drenkeling 54Willem Jan Otten - Op zaal 55Hester Knibbe - Vannacht 56J. Slauerhoff - De ontdekker 57J.A. dèr Mouw - 'K BEN Brahman, maar we zitten zonder meid. 58J.A. dèr Mouw - LANG rolt, een bol van klank, de klank van 't schot, 59J.H. Leopold - Regen 60Jan G. Elburg - gelovig soms 61J.C. Bloem - Insomnia 62J.H. Leopold - Saadi 63Anton Korteweg - Wij samen 64Frederik van Eeden - De Waterlelie 65Leo Vroman - Nacht 66Hans Andreus - Laatste gedicht 67Geerten Gossaert - Het brandende wrak 68Gerrit Komrij - Een gedicht 69Gerrit Achterberg - Fotografie 70Patty Scholten - De olifant 71Leo Vroman - Voor wie dit leest 72Neeltje Maria Min - Mijn moeder is mijn naam vergeten 73Eva Gerlach - Lievelingsdieren 74Gerrit Krol - Roodborstje 75Ida Gerhardt - Christus als hovenier 76Co Woudsma - Thuis 77Herman Gorter - Zie je ik hou van je 78Judith Herzberg - Een kinderspiegel 79Harmen Wind - Remedie 80Marijke Hanegraaf - Stokgooier en lezer 81M. Vasalis - De idioot in het bad 82Anneke Reitsma - Schaapscheerderskou 83A. Roland Holst - De ploeger 84Hein Walter - Hestia 85Paul van Ostaijen - Het dorp 86Herman de Coninck - Voor mekaar 87Hans Andreus - Liggen in de zon 88Paul Marijnis - Bij een boeket 89Lloyd Haft - Naar Psalm 1 90Chrétien Breukers - Een bericht 91Gerrit Kouwenaar - zo helder is het werkelijk zelden 92Leo Herberghs - Psalm 23 93Harry Mulisch - Dat komt gewoon doordat zijn vader eens 94Esther Jansma - Raam in de lucht 95Leo Vroman - Jeldican en het woord 96Marc Tritsmans - Vermeer 97Gust Gils - een minnend paar 98Hans Faverey - Ik sla een hoek om. 99J. Slauerhoff - Dit eiland 100Hans Kloos - Panta rhei 101Anna Enquist - Ineens 102Constantijn Huygens - Op het overlijden van Tesselschades oudste dochter... 103Guillaume van der Graft - Brood op de wereld 104H.A. Gomperts - Côte d'Azur 105C.O. Jellema - Aurora borealis 106Rutger Kopland - Enkele andere overwegingen 107Miriam Van hee - reeën 108J. Slauerhoff - Brieven op zee 109Bernd G. Bevers - Het wonder 110Marjoleine de Vos - Het leven in juni 111Guillaume van der Graft - Vogels en vissen 112Gabriël Smit - Omdat wij zijn 113Gerrit Achterberg - Code 114Tonnus Oosterhoff - De moy je m’épouvante 115Patrick Lateur - Mirjam 116Ankie Peypers - Een jonger vrouw 117M. Vasalis - Cannes 118J. Slauerhoff - De Zonnesteek 119Hans Andreus - Mol 120Kester Freriks - Sprookje 121Hester Knibbe - Psalm 4631 122Simon Vestdijk - Zelfkant 123Martinus Nijhoff - De moeder de vrouw 124Michaël Zeeman - Halverwege, de liefde 125Geert van Istendael - Spade 126Martinus Nijhoff - Verwachtingen en haren eenmaal grijs 127Mustafa Stitou - Het onderliggende het zich tonende

Verdere verspreiding van afleveringen van de Klassiekers is alleen toegestaan met voorafgaande en uitdrukkelijke toestemming van de auteur(s).

Abonnement nemen of opzeggen? Ga naar aanmelden klassiekers of naar afmelden klassiekers. Adres wijzigen? Eerst afmelden, daarna weer opnieuw aanmelden.