Klassiekers (144)
Een uitgave van Meander
Redactie: Joop Leibbrand

11 mei 2011

Jules Deelder - Nationaal gedicht

* Een bespreking door Paul de Jong *


Alle Klassiekers zijn compleet met poëtisch woordenboek hier te raadplegen. Zie voor al ons andere literaire aanbod de sites Meander en Meander Magazine.

Van de volgende auteurs verschenen inmiddels bijdragen: Wilma van den Akker (5), Inge Boulonois (19), Rutger Cornets de Groot (8), Jeroen Dera (3), Karin Doornik (5), Remko Ekkers (3), Edith de Gilde (7), Pim Heuvel (15), Paul de Jong (1), Yves Joris (2), Wim Kleisen (5), Michel Krott (1), Joop Leibbrand (32), Joris Lenstra (7), Allies Ligtvoet (1), Herbert Mouwen (1), Henk Ruijsch (1), Ivan Sacharov (3), Bettine Siertsema (4), Lambert Wierenga (11), Elly Woltjes (9), Rik Wouters (2).

Vooraf

Op de bespreking door Bettine Siertsema van Judith Herzbergs 'Mozes' kwamen wel diverse reacties binnen, maar niet van dien aard dat ze commentaar behoeven.

In deze nieuwe aflevering de eerste bijdrage van Paul de Jong, die aantoont dat Jules Deelder als dichter niet onderschat mag worden, zeker niet als hij stem geeft aan de verwerking van een nationaal trauma. Meer dan anders is de bespreking deze keer toegeschreven op jongere lezers. Het gedicht vraagt erom.



De eerste Klassieker verscheen op 6 juli 2000.
Deze aflevering wordt verzonden aan 2690 abonnees.

Reageren op deze bespreking? Zelf een bijdrage leveren? Vaste medewerker worden? Neem contact op met Meander Klassiekers.
Het e-mailadres is:
Xklassieker@klassiekegedichten.netX (de letters X uit dit adres verwijderen!)

De volgende aflevering verschijnt op 15 juni 2011. Joris Lenstra bespreekt dan Het monster van Piet Paaltjens, uit de bundel Nagelaten snikken




Nationaal gedicht
(21-6-'88)

Oooooooo!
Hoe vergeefs
des doelmans hand

zich strekte
naar de bal
die één minuut

voor tijd
de Duitse doel-
lijn kruiste

Zij die vielen
rezen juichend
uit hun graf


Jules Deelder (1944)

Uit: Lijf- en andere gedichten, De Bezige Bij, Amsterdam, 1991.



Veel kunst functioneert binnen een historische context van gebeurtenissen en kunstuitingen. Die context speelt mee in betekenis van een gedicht. Bewust of onbewust verwijst de kunstenaar ernaar. Dat is ook in het 'Nationaal gedicht' het geval.
Bij de titel staat niet voor niets een datum. In 1988 won Nederland voor de eerste keer een groot voetbaltoernooi, namelijk het Europese kampioenschap. In de halve finale versloeg Nederland op 21 juni West-Duitsland. (West- en Oost-Duitsland waren nog net twee aparte landen, de Muur viel in 1989.) Marco van Basten maakte vlak voor tijd met een magistrale actie het winnende doelpunt en zorgde daarmee voor een revanche voor de nederlaag tijdens de wereldkampioenschappen van 1974, toen Duitsland Nederland met 2-1 versloeg.
Die nederlaag had tot jarenlange frustraties geleid. Het Nederlands elftal had nog nooit zoveel goede spelers gehad (Cruijff, Neeskens, Van Hanegem) en bijna iedereen verwachtte toen dat Nederland wereldkampioen zou worden. Van Hanegem had vooraf de wedstrijd voor hemzelf bestempeld als een kans op wraak voor het bombardement op Rotterdam 1940, waaraan hij een levenslange hekel aan Duitsers overhield, vooral ook omdat zij indirect schuldig waren aan het geallieerde bombardement op Breskens van 11 september 1944, waarbij zijn vader, zijn broer en zijn zuster om het leven kwamen.

In een aantal teksten van Jules Deelder zien we dezelfde antipathie tegen de Duitsers. J.A. Deelder is geboren in Rotterdam in 1944. Hij noemt zich de nachtburgemeester van deze stad. Hoewel hij de oorlog niet bewust heeft meegemaakt, is hij, zoals velen van zijn generatie, opgevoed met verhalen over de Bezetting, met name over de verwoesting van Rotterdam. In 'Nationaal gedicht' verwoordt Deelder zijn vreugde over de overwinning op het Duitse elftal. Deze vreugde kwam puur voort uit zijn anti-Duitse sentimenten.

Het gedicht kent enkele verwijzingen naar de Bezetting. Zo staat er in de titel `Nationaal`. Dit woord duidt niet alleen op de natie Nederland, maar roept ook associaties op met 'Nationaal Socialisme'. De titel lijkt te willen zeggen dat niet Hitlers ideeënleer gewonnen heeft, maar de natie Nederland.

Verder roept de woordgroep 'zich strekte' de associatie op met de manier waarop het Duitse volk Hitler vereerde, namelijk met de rechter hand gestrekt naar voren, onderwijl 'Heil Hitler' roepend. 'Nationaal' en 'zich strekte' zijn duidelijk een pesterijtje naar de Duitsers toe: de dichter vernedert de vijand door gebruik te maken van woorden en gebaren van diezelfde vijand.

Ook de laatste strofe duidt op de tijd van de Bezetting. De woorden 'zij die vielen', zo vaak te lezen op herdenkingsmonumenten, slaan op de gesneuvelde soldaten en de door de Duitsers vermoorde verzetsstrijders, maar Deelder stelt het hier nu voor alsof de Nederlandse gevallenen juichend over het winnende doelpunt uit hun graf komen. Een associatie met de bijbel versterkt dit overwinningsgevoel. Met Pasen viert het Christendom met de verrijzenis van Christus uit het graf de overwinning op de dood door het geloof. Ook in het gedicht van Jules Deelder is sprake van een overwinning.
Een tweede associatie is eveneens bijbels, namelijk de in de bijbel voorspelde opstanding uit de dood op de Dag des Oordeels, waarbij de goeden uit hun graven naar de hemel gaan. Ook in 'Nationaal gedicht' zijn het de goeden die hier winnen en daarmee hun dood gewroken hebben.

In poëzie moet de vorm het effect op de lezer teweeg brengen, opvallend of onopvallend. In 'Nationaal gedicht' is dat niet anders. De eerder genoemde woordspelingen met 'Nationaal' en 'zich strekte' horen hiertoe, net als het perspectief erbij hoort. Met het perspectief in 'Nationaal gedicht' is iets bijzonders aan de hand. Bij sentimenten zou je namelijk een 'ik' verwachten die uitdrukking geeft aan zijn emotie, maar dat is hier niet het geval. Er is sprake van een verteller die registreert en niet bij een van de partijen hoort. Zelfs de 'O'-uiting in de eerste regel is, anders dan normaal in poëzie, niet van een 'ik', maar van iets buiten die 'ik'. Het is het gehele publiek van Duitsers en Nederlanders. Met deze beschrijving van buiten af bereikt de dichter misschien een groter effect dan met een subjectieve gemoedsuiting.

Een andere opvallende vorm zien we in 'des doelmans hand'. Dit is een ouderwetse constructie, waardoor er een plechtstatige stijl ontstaat. Met deze stijl (vorm) roept de dichter een sfeer van verhevenheid op (inhoud). Deze verhevenheid heeft te maken met het volgens hem grote historische belang van dit doelpunt.
Verder heeft het woord 'doel-lijn' in de derde strofe een opvallend enjambement. Het zijn hier de woorddelen die de scheiding vormen, en niet, zoals gewoonlijk, de woorden. Daardoor lijkt het alsof de bal bij het woorddeel 'doel' nog voor de doellijn is, en bij 'lijn' achter de doellijn (inhoud), waarbij het streepje (vorm) het beeld van de lijn (inhoud) oproept. Daarbij duidt de spreiding van het woord over twee versregels (vorm) op een lang durende spanning over de vraag of de bal wel of niet over de lijn gaat (inhoud).
Bovendien heeft de derde strofe de vorm van een chiasme. Dit is een stijlfiguur waarbij de rijmwoorden gekruist geordend zijn. Hier kruist 'Duitse' met 'kruiste', en 'tijd' met 'lijn'. Deze vorm hoort bij de inhoud, waarin de bal de doellijn 'kruiste'.
Daarbij versterkt de opbouw van het gedicht (vorm) de duur van de onzekerheid over de vraag of de bal wel of niet over de doellijn zal gaan (inhoud). Die onzekerheid duurt lang (inhoud). Die lange duur wordt uitgedrukt in de lang gerekte 'O' (vorm), en in de daarop volgende lange zin, verspreid over drie strofen (vorm), waarbij de plechtstatige taal (vorm) in de eerste strofe remmend op de snelheid van lezen werkt. Dan volgt een pauze (vorm) als inleiding op de korte, maar krachtige ontlading (inhoud) in de laatste strofe (vorm). De tegenstelling tussen 'vielen' en 'rezen op' (vorm) versterkt deze ontlading.

Is al deze uitleg over de vorm voor een goed begrip noodzakelijk? Neen. Wel wil je als lezer vaak weten hoe het komt dat je door een gedicht geraakt wordt. Een analyse geeft daar soms ten dele het antwoord op.

******

'Nationaal gedicht' werd o.a. opgenomen in 'A. H. den Boef ed., In de broek van de vijand. Waarom wij niet woedend zijn, Amsterdam 1994.


Paul de Jong



Steun Meander en Meander Klassiekers en word ook donateur.

Eerder verschenen:

1M. Vasalis - Aan een boom in het Vondelpark 2J.P. Rawie - Interieur 3Jan Kal - Mont Ventoux 4Jan Emmens - Voor de kade 5M. Vasalis - Streng en aanbiddend 6Simon Vinkenoog - Ver als de horizon ben je 7Gerrit Achterberg - Dryade 8Gerard Reve - Wiegelied 9Paul van Ostaijen - Melopee 10Hanny Michaelis - Het kind 11J.C. Bloem - De nachtegalen 12Gerrit Achterberg - Verzoendag 13Hans Warren - Bekentenis 14E. du Perron - Het kind dat wij waren 15P.C. Boutens - De maan is al boven de seringen 16H. Roland Holst - "Ook ik ben omstreeks 't midden mijner dagen 17H. Roland Holst - De zachte krachten 18W. Elsschot - Bij het doodsbed van een kind 19J.H. Leopold - Staren door het raam 20Han G. Hoekstra - De ceder 21Paul Rodenko - Het beeld 22Anna Blaman - De Spin 23Martinus Nijhoff - Moeder 24Martinus Nijhoff - Impasse 25Rutger Kopland - Die Kunst der Fuge 26Rutger Kopland - Al die mooie beloften 27Ad Zuiderent - Tuinpad 28Jan Hanlo - Oote 29Ida Gerhardt - Alpha en Omega 30Ed Leeflang - De vader van de baby Constantijn, wat hem 31Jacques Hamelink - Grijsaard 32Ed Leeflang - Hoor Prediker. Over de dommen en gevatten 33Ed. Hoornik - Te Middelharnis is een kind verdronken 34Ed. Hoornik - Overgang 35Willem van Toorn - Een kraai bij Siena 36Jan Kuijper - Statica 37Lucebert - vrede 38Lucebert - gedicht 39Hans Andreus - Voor de lieve lezer 40Anthonie Donker - Achterbalcon 41Gerrit Kouwenaar - men moet 42Anneke Brassinga - Roeping 43Jan Arends - drie gedichten 44Jan Eijkelboom - 21 november 1981 45Ria Borkent - Sieraad 46Simon Vestdijk - Het kind 47Jac. van Hattum - Visvangst 48Simon Vestdijk - De overlevende 49Rutger Kopland - Soms bij het zien, bij het zien van een rij 50Leo Vroman - Een boot 51W.F. Hermans - Bewaakte overweg 52H. Marsman - 'Paradise regained' 53Anna Enquist - Typologie van de drenkeling 54Willem Jan Otten - Op zaal 55Hester Knibbe - Vannacht 56J. Slauerhoff - De ontdekker 57J.A. dèr Mouw - 'K BEN Brahman, maar we zitten zonder meid. 58J.A. dèr Mouw - LANG rolt, een bol van klank, de klank van 't schot, 59J.H. Leopold - Regen 60Jan G. Elburg - gelovig soms 61J.C. Bloem - Insomnia 62J.H. Leopold - Saadi 63Anton Korteweg - Wij samen 64Frederik van Eeden - De Waterlelie 65Leo Vroman - Nacht 66Hans Andreus - Laatste gedicht 67Geerten Gossaert - Het brandende wrak 68Gerrit Komrij - Een gedicht 69Gerrit Achterberg - Fotografie 70Patty Scholten - De olifant 71Leo Vroman - Voor wie dit leest 72Neeltje Maria Min - Mijn moeder is mijn naam vergeten 73Eva Gerlach - Lievelingsdieren 74Gerrit Krol - Roodborstje 75Ida Gerhardt - Christus als hovenier 76Co Woudsma - Thuis 77Herman Gorter - Zie je ik hou van je 78Judith Herzberg - Een kinderspiegel 79Harmen Wind - Remedie 80Marijke Hanegraaf - Stokgooier en lezer 81M. Vasalis - De idioot in het bad 82Anneke Reitsma - Schaapscheerderskou 83A. Roland Holst - De ploeger 84Hein Walter - Hestia 85Paul van Ostaijen - Het dorp 86Herman de Coninck - Voor mekaar 87Hans Andreus - Liggen in de zon 88Paul Marijnis - Bij een boeket 89Lloyd Haft - Naar Psalm 1 90Chrétien Breukers - Een bericht 91Gerrit Kouwenaar - zo helder is het werkelijk zelden 92Leo Herberghs - Psalm 23 93Harry Mulisch - Dat komt gewoon doordat zijn vader eens 94Esther Jansma - Raam in de lucht 95Leo Vroman - Jeldican en het woord 96Marc Tritsmans - Vermeer 97Gust Gils - een minnend paar 98Hans Faverey - Ik sla een hoek om. 99J. Slauerhoff - Dit eiland 100Hans Kloos - Panta rhei 101Anna Enquist - Ineens 102Constantijn Huygens - Op het overlijden van Tesselschades oudste dochter... 103Guillaume van der Graft - Brood op de wereld 104H.A. Gomperts - Côte d'Azur 105C.O. Jellema - Aurora borealis 106Rutger Kopland - Enkele andere overwegingen 107Miriam Van hee - reeën 108J. Slauerhoff - Brieven op zee 109Bernd G. Bevers - Het wonder 110Marjoleine de Vos - Het leven in juni 111Guillaume van der Graft - Vogels en vissen 112Gabriël Smit - Omdat wij zijn 113Gerrit Achterberg - Code 114Tonnus Oosterhoff - De moy je m’épouvante 115Patrick Lateur - Mirjam 116Ankie Peypers - Een jonger vrouw 117M. Vasalis - Cannes 118J. Slauerhoff - De Zonnesteek 119Hans Andreus - Mol 120Kester Freriks - Sprookje 121Hester Knibbe - Psalm 4631 122Simon Vestdijk - Zelfkant 123Martinus Nijhoff - De moeder de vrouw 124Michaël Zeeman - Halverwege, de liefde 125Geert van Istendael - Spade 126Martinus Nijhoff - Verwachtingen en haren eenmaal grijs 127Mustafa Stitou - Het onderliggende het zich tonende 128Ellen Warmond - Changement de décor 129Paul van Ostaijen - Avondgeluiden 130Mark Boog - Geluk 131Jane Leusink - Geen spaak 132Floor Buschenhenke - Magnetic resonance imaging scanner 133Hendrik de Vries - Mijn broer 134P.N. van Eyck - Brent Bridge 135Gerrit Kouwenaar - toen wij nog jong waren 136Victor Vroomkoning - Uur U 137Willem van Toorn - Eiland 138Gerrit Achterberg - Het meisje en de trom 139Andries Dhoeve - Landwaarts aan zee 140Lucebert - twee handjes 141Marnix Gijsen - De krantenvrouw 142Jacques Hamelink - Krijgslist van La Pucelle 143Judith Herzberg - Mozes

Verdere verspreiding van afleveringen van de Klassiekers is alleen toegestaan met voorafgaande en uitdrukkelijke toestemming van de auteur(s).

Abonnement nemen of opzeggen? Ga naar aanmelden klassiekers of naar afmelden klassiekers. Adres wijzigen? Eerst afmelden, daarna weer opnieuw aanmelden.